Mevrouw Hoogendoorn, werkzaam bij Zuwe Thuiszorg in Breukelen, vertelt aan STEP hoe zij van haar klachten af geholpen is. Hieronder leest u haar verhaal, aangevuld met opmerkingen van haar STEP ZelfZorg Instructeur.

 

Op 22-03-2007 heeft de intake plaatsgevonden van mevrouw Hoogendoorn. Zij werd met meerdere klachten doorgestuurd naar STEP.

  • Ongeveer 3 maanden voor de intake was haar rechter schouder pijnlijk geworden, zonder dat daar een aanwijsbare oorzaak voor was.
  • Vier weken voor de intake werd ook de linker schouder erg pijnlijk. Naar eigen zeggen het gevolg van het ontlasten van de rechter schouder. Toen de linker schouder dermate pijnlijk was, dat deze niet meer bewogen kon worden, is deze door de huisarts geïnjecteerd. Deze had een slijmbeursontsteking vastgesteld.
  • Vanaf de injectie nam de pijn in de linker schouder af, maar volgden direct forse uitstralingsklachten in de gehele linker arm. Toen de arm vanwege pijnlijke tintelingen niet meer bewogen kon worden heeft mevrouw Hoogendoorn zich met deze klachten ziek gemeld.
  • Na 2 weken volgde de aanmelding bij STEP en vervolgens de intake. De intake werd tot 2 keer toe op het laatste moment geannuleerd.

 

Tijdens de intake bleken de uitstralingsklachten het voornaamste probleem. Mevrouw Hoogendoorn had geen idee wat er met haar arm aan de hand was en wat ze zelf kon doen om haar klachten onder controle te krijgen. Ook voelde ze zich met haar klachten niet erg serieus genomen door haar arts. Naast de uitstralingsklachten was ook de rechter schouder nog pijnlijk. De linker schouder was sinds de injectie bijna klachtenvrij.

 

Al tijdens de eerste les werd het vermoeden uitgesproken, dat tijdens de injectie in de schouder een zenuw naar de arm was geraakt, anders konden de uitstralende klachten sinds het moment van de injectie niet worden verklaard.

  • Er werd gestart met het aanleren van Veilig Lichaamsgebruik om de belasting op beide schouders en armen te verminderen.
  • Er werd een PSI meegegeven, die afwisselend links en rechts moest worden gedragen. PSI staat voor Partiele Schouder Immobilisator (zie foto 1).

Foto 1: PSI

 

Een PSI zorgt ervoor dat je de arm gewoon kunt gebruiken, maar de lastarm is gegarandeerd klein. Je kunt met een PSI ook eerder gewoon werken, de zware belastingen worden voorkomen. Om de bestaande beweeglijkheid van de schouders te onderhouden werd een overdoor katrol (zie foto 2) meegegeven, waarmee thuis werd geoefend.

  • Om de belasting op de nek/schouderregio tijdens zitten laag te houden werd een zitsteun meegegeven.
  • Opdrachten en ZelfZorg beleid voor thuis werden genoteerd in het boekje RSI Perfect.

Foto 2: Overdoor katrol

 

  • Er werd contact opgenomen met de fysiotherapeut om het beleid af te stemmen. Deze gaf aan, de nek/schouderregio te masseren om de spanning van de spieren te verminderen en zij controleerde de beweeglijkheid van de schouder. Er werd een taakverdeling afgesproken, waarbij de therapeut deze behandelingen verrichte en scholing in Veilig Lichaamsgebruik en de inzet van hulpmiddelen door STEP werden uitgevoerd.
  • Naast dit beleid werd aangedrongen op een afspraak bij een neuroloog om neurologische aandoeningen of afwijkingen uit te sluiten.

In de vervolglessen werd het herstel gevolgd en werd Veilig Lichaamsgebruik aangeleerd en toegepast. Alle klachten namen hiermee snel af, behalve de uitstralingspijn in de arm. Dit laatste steunde het vermoeden dat de zenuw aangedaan was. Zenuwweefsel herstelt erg langzaam. Gebruik van de hulpmiddelen kon vervolgens worden afgebouwd.

Onderzoek door de neuroloog toonde geen neurologische afwijkingen aan. De neuroloog vond vervolgonderzoek echter noodzakelijk en verwees mevrouw Hoogendoorn door naar een reumatoloog.

Deze stelde fybromyalgie vast en twijfelde of mevrouw Hoogendoorn haar werkzaamheden in de thuiszorg ooit kon hervatten.
Mevrouw Hoogendoorn wilde zich hier echter niet bij neer leggen en ook zij dacht dat de klachten werden veroorzaakt door een (tijdelijke) beschadiging van haar zenuw in de schouder.

Ik heb haar uitgelegd, dat dit een vervelende, soms pijnlijke blessure is die erg langzaam herstelt. Maar ze mocht haar werkzaamheden wel hervatten. Mits ze zich goed aan de regels van Veilig Lichaamsgebruik hield.

De werkzaamheden werden vervolgens hervat. De klachten namen met de werkhervatting niet toe. Na verloop van tijd, we spreken hier over maanden, verdwenen de uitstralingsklachten. In die periode werd telefonisch contact gehouden. De laatste klachten die gevoeld werden waren pijnklachten in de linker elleboog. Vooral tijdens strekken werd de elleboog gevoeld.

Om deze beweging tijdens het werk te beperken heeft mevrouw Hoogendoorn gewerkt met een elleboogbrace (zie foto 3) die gewoon bewegen mogelijk maakt en alleen de strekking voorkomt.

Foto 3: Elleboogbrace

 

Bijna negen maanden later heeft de laatste les plaatsgevonden. Mevrouw Hoogendoorn was al weer geruime tijd volledig aan het werk. De klachten waren nagenoeg verdwenen, op lichte tintelingen in de linker elleboog na zware belasting na.

Ze gaf aan de begeleiding als erg prettig te hebben ervaren. Vooral in de periode dat klachten niet leken te verbeteren, en de artsen aangaven niet te weten waardoor de klachten werden veroorzaakt en uiteindelijk met de diagnose fybromyalgie kwamen (waarmee ze maar moest leren leven), vond ze het fijn dat er iemand serieus naar haar klachten keek en met praktische aanwijzingen kwam.

Ons vermoeden, dat de zenuw geraakt was tijdens de injectie, werd door geen enkele arts gedeeld. Het moment dat werkzaamheden weer verantwoord konden worden hervat, werd door mevrouw Hoogendoorn gevierd.

Het is jammer, dat mevrouw Hoogendoorn niet naar STEP is verwezen, toen ze last begon te krijgen van haar rechter schouder. Dan had STEP direct kunnen beginnen met het aanleren en realiseren van veilig schoudergebruik (direct PSI inzetten) en had deze maandenlange periode van pijn, onzekerheid, klachten en de negatieve consequenties van de injectie voorkomen kunnen worden.

STEP ZelfZorg Instructeur